Sue Ellen

Middenin de pandemie, vechtend tegen de tweede golf, hadden mijn collega’s het lumineuze idee opgevat om een week op vakantie te gaan. Een mens moet er eens uit. De artsenbezetting in onze groepspraktijk daarmee decimerend tot een derde van het voltallige bestand, terwijl het werk zowat verdrievoudigd is de laatste maanden. Dat dit in volle pandemie en met kranten vol berichten van huisartsen-kreunend-onder-de-werkdruk niet direct een geniaal plan was, snapt een kleuter zonder aanleg voor hoogbegaafdheid. Daar hoef je niet zelfs niet zindelijk voor te zijn.

Op dag één werkten mijn secretaresse en ik ons een slag in de rondte.
Op dag twee zat ik halverwege de ochtend al op het toilet met mijn hoofd in mijn handen, me wanhopig afvragend hoe ik de dag moest doorkomen. Tranen prikten achter mijn ogen, een gevoel dat ik ken van mijn tijd in Tilburg: onder hoogspanning werken, uren aan een stuk zonder tijd of ruimte om adem te halen.
Na dag drie lag ik een hele nacht wakker, piekerend over de vraag of ik hier nog wel moest blijven werken. Ooit lang geleden ben ik in zo’n piekernacht opgestaan om mijn ontslagbrief te schrijven. Deze keer hield ik het bij een uurtje lezen in mijn laatste favoriete boek: ‘Sorry dat ik te laat ben maar ik wou eigenlijk niet komen’ van Jessica Pan.
En op dag vier hing de secretaresse kotsend boven de pot. Ziek van migraine en wellicht ook van de stress.
Dat mijn collega’s vanop hun vakantieadres meehielpen met de telefonische consultaties was goed bedoeld, maar niet meer dan een doekje voor het bloeden. Too little, too late.

Op dag vijf zat er voor hen niets anders op dan terug te keren: zieke dokters, dat valt nog op te vangen, maar zonder secretaresse werken is echt onmogelijk.
En daarmee werd dag vijf ineens de fijnste dag van de week. Ik hoefde enkel consultaties te doen, was helemaal alleen in de praktijk, de telefoon rinkelde niet want die stond naar hen doorgeschakeld en aangezien ik toch het rijk alleen had, bleef ook de radio uit. Zalig! Kopje thee erbij, nul telefoontjes en een druppel ‘Peace’ etherische olie op mijn mondmasker. (Echt, ik probeer echt wel om de redelijkheid en de vrede te bewaren.) Aan de slag. Alle tijd en aandacht voor de patiënten. Van de hel naar de hemel in 24 uur. En dan te bedenken dat we goed een half jaar geleden altijd zo werkten. Toen Covid nog niet in ons woordenboek stond en nieuws over Trump en de war on drugs in Antwerpen ging. Toen bestond werk gewoon uit consultaties en af en toe een telefoontje tussendoor, terwijl we ons nu van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat een punthoofd en bloemkooloren bellen.

Ik had vandaag zelfs tijd voor middagpauze!
Ik nam de fiets (had totaal geen zin om mijn collega’s al onder ogen te komen, was nog veel en veel te boos) en trok naar de Liereman. Op een bankje in het bos dronk ik koffie. In mijn fietstas zat ook een koud biertje dat eigenlijk bedoeld was voor de late namiddag. Ik had gehoopt tegen een uur of vier de praktijkdeur achter me dicht te kunnen trekken en dan eerst een wandeling te maken om daarna met een koel Gageleertje de week af te sluiten. Dat zat er niet in, de agenda stond al tot kwart voor zes volgeboekt.
Daar zat ik op mijn bankje. De vogeltjes floten, de wind deed de bomen ruisen en bij het heen en weer slingeren van de kruinen ratelden de eikels als mitrailleurschoten op de grond. Een zonnestraaltje kwam voorzichtig piepen en ontspande mijn strak gespannen zenuwen. Toch maar dat biertje dan?
Ach, wat kan het mij ook schelen? Toch maar dat biertje. Ik wipte de kroonkurk eraf, spoelde mijn koffiebeker schoon en goot er de helft van het flesje in.

Wat slapeloze nachten, gevoelloze collega’s en overwerkte dagen al met een mens doen. Onder werktijd aan de alcohol! Je kan mediteren tot je een ons weegt maar soms is de remedie alleen nog op de bodem van een leeg glas te vinden.
Op de terugweg naar de praktijk – ik ben aan de late kant, maar inmiddels kan me allemaal nog maar weinig schelen – passeer ik een leuk winkeltje met een kledingrekje op de stoep. Ik trek aan de remmen en zet de fiets aan de kant. Ga snel door de items aan het rekje en vis er op goed geluk een leuke wijde zwarte ribfluwelen broek en een elegant beige topje uit. Toch maar even passen. (De opgespaarde coronakilo’s van de vorige lockdown ben ik in de afgelopen weken succesvol te lijf gegaan met een streng regime van intermittent fasting). Geen tien minuten later sta ik met mijn impulsaankopen weer buiten. Ik zet de fiets op standje ‘Sport’ en race als een gek naar de praktijk. Slechts twintig minuten te laat begin ik aan de raadpleging.

Bier en troostshoppen. Zit er diep in mij dan toch ergens een echte vrouw verscholen?
Een Sue Ellen die vanachter het raam met een gekwelde blik uitkijkt over haar Dallas-landgoed terwijl ze de ijsblokjes in haar whisky rinkelend rond laat walsen en zich wanhopig afvraagt waarom het leven zo hard is voor haar en ze zich zo leeg voelt?
‘How do you feel, Sue Ellen?’
‘Empty.’

Het wordt donker terwijl ik dit blogje zit te typen op het terrasje van mijn tuinkamer. Mijn lieve schat is mij mijn tweede Gageleertje van de dag komen brengen (gewoon even een whatsapp berichtje sturen en nee, twee biertjes op één dag is echt heel uitzonderlijk! Geloof me nou maar gewoon) en ik typ de boosheid van me af. Een blogje en een biertje later ben ik er overheen. Wat niet betekent dat ik mijn oor niet elders eens te luisteren ga leggen. Het wordt tijd dat ik rustiger oorden opzoek. Met collegiale collega’s.
Nu maar hopen dat ze geen covid meegebracht hebben van hun gezellige uitje.

Oei, ik moet gaan. Zoon belt vanuit de keuken: ‘Etenstijd!’
Een echte vrouw in mij?
Mwah neuh, niet echt. Ik drink geen whisky.

Geplaatst in: Blog

10 gedachten over “Sue Ellen

  1. Jolanda schreef:

    Mijn ouwe doktertje is ook maar een mens, lees ik nu. Mijn heldin die mij zo vaak rustig heeft gekregen. Ik wens je wat rust, wijsheid en fijne collega’s …zo belangrijk. Fijn weekend en groetjes uit Tilburg

  2. Hilde Blancquaert schreef:

    Oei… dat klinkt als een meer dan heftige week. Gelukkig kon je de week net iets rustiger afsluiten… En nu eerst genieten van het weekend!

  3. Ann schreef:

    Dag Sue,

    Ik las je blog. En ik las je verdriet en woede.

    Het was even slikken van bewondering bij zoveel openheid. Het getuigt van lef en zoveel kracht.
    Het sterkt mij in wat ik zelf nog met de wereld wil delen. Bedankt daarvoor.

    Hou je goed!

  4. Marie schreef:

    Tijdens deze pandemie is het niet makkelijk om huisarts te zijn. Je werkt je een ongeluk en iedereen roept wat een helden jullie zijn. Maar zodra de eerste golf lijkt te minderen doet de massa direct zijn opperste best om alles te vergeten en creëert zo natuurlijk een tweede golf. Aan de hulpverleners wordt helemaal niet gevraagd of ze hersteld zijn of op zijn minst even hebben kunnen ademen. Nee hoor, direct de tweede golf in. Ademhalen is een luxe geworden!

    Echt knap hoe jij je in deze blog zo kwetsbaar durft opstellen en de waarheid zo mooi durft benoemen. Dat het vaak dweilen is met de kraan open en dat wanneer collega’s vakantie nemen het niet meer dweilen maar verzuipen is. Ik mag dan ook alleen maar hopen dat deze openheid de mensen oproept om de maatregelen te volgen. Niet alleen tijdens lockdown maar zeker ook in de periode erna wanneer we weer wat losser gelaten worden. Laat ons deze keer ons gezond verstand gebruiken en niet direct aan golf 3 beginnen werken.

    Ik hoop ook dat hulpverleners die de moed hebben om te verwoorden hoe ze zich voelen in de bloemetjes gezet worden. Het is immers deze moed die ervoor zorgt dat problemen zichtbaar worden. Alleen dan kan er verandering tot stand komen. Maar vaak zijn het de moedige mensen die afgestraft worden. Kwetsbaarheid tonen, moed hebben en durven spreken zijn dingen die tot verandering leiden en de meeste mensen willen het status quo behouden. Status quo leidt tot afvlakking en morele en ethische verzwakking. Vooruitgang is enkel mogelijk door verandering.

  5. Anne schreef:

    Beste Martine, ik lees net dat je naar aanleiding van deze blog bent ontslagen (uit de maatschap gezet). Ik ben zelf ook ooit diep gekwetst geweest door een blog van jou, ik kan me dus de boosheid van je collega’s wel voorstellen. Je schrijft soms erg self-centred, hebt weinig feeling met hoe het voor anderen is, alhoewel je dat wel pretendeert. Per Appje ontslagen worden is niet netjes, maar onaardig schrijven over collega’s is wel heel ondermijnend voor het vertrouwen, denk ik.
    Ik wens je veel wijsheid.

    • Martine schreef:

      Het spijt me dat je gekwetst bent door mijn woorden. Dat is niet mijn bedoeling geweest, sorry. Dank voor je wens voor wijsheid, ik zal het kunnen gebruiken.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.