Zikamoeders

Vannacht droomde ik dat ik zelf een microcefaaltje had. Gekregen dan. Na negen maanden zwangerschap en een bevalling dus. En hoe meteen instant-stapelverliefd ik op dat mensje was. Ze was zo lief en schattig en rustig.
‘Eigen kind, schoon kind’, zoals wij zeggen in Vlaanderen.

De droom was natuurlijk ingegeven door alle berichtgeving over het zikavirus. Oorlogstaal in de kranten: ‘Brazilië verklaart oorlog aan de mug!’, ‘De Aedes aegypti (zo heet het langpotige kreng dat het virus overbrengt) wil oorlog, oorlog zal ze krijgen!’, ‘President Roussef zet soldaten in om de huizen uit te roken!’ En minister van volksgezondheid Castro doet nog een schepje boven op de onrust: ‘De autoriteiten zijn de oorlog tegen de mug aan het verliezen!’
Beelden van 220.000 soldaten in knalgele pakken, met laarzen en maskers en rookkanonnen voeden de angst.

De mug wordt electoraal gekaapt om oude vetes te beslechten en politieke tegenstanders een kopje kleiner te maken. Vergeet IS, we hebben een verse vijand: de zikamug.
En dames, we laten jullie niet in de steek, we zullen ervoor zorgen dat jullie legaal abortus mogen krijgen. Want wie wil nou een kind met een afwijking.

In schril contrast met deze gezwollen koppen en het geschreeuw, staan de beelden die op mij blijkbaar wél indruk maken: keer op keer zie ik moeders die liefdevol de baby’s met de kleine hoofdjes in bad stoppen, knuffelen en toebrabbelen. Moeders die houden van hun wurmpjes en die wurmpjes die dit gebrabbel beantwoorden met kamerbrede lachjes van de meest innemende soort.

Hulde aan de moeders. Waar ook ter wereld. Moeders hebben geen tijd voor oorlog. Ze doen wat nodig is: zorg en liefde geven aan hulpeloze wezentjes. Daar is geen krantenkop voor nodig.

(Deze tekst verscheen eerder op Medisch Contact – medischcontact.nl)

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.